In nomine femineo indocta
Jaar van uitgifte 1998
Nur1 684
Nur2 704
Reeks naam Middeleeuwse Studies en Bronnen
Status leverbaar
Taal Nederlands
Bindwijze ing
Bladzijdes 224
Reeks nummer 55
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'Deze goed gedocumenteerde en zeer leesbare studie toont ons Hildegard van Bingen niet alleen als produkt, maar ook als katalysator van de dynamische processen die de "hervormingszwangere" religiositeit van de twaalfde eeuw kenmerken. Het boek is van belang voor theologen, historici en literatuurwetenschappers, niet in de laatste plaats vanwege de opmerkelijke ruime aandacht die Deploige schenkt aan methodologische reflecties.' In: Leuvense Bijdragen 88 (1999). Verder gesignaleerd in: Carolushuis, Bisdom Roermond, Uitgaven 2010-2011.

In nomine femineo indocta

Jeroen Deploige | 9065502904
25,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Kennisprofiel en ideologie van Hildegard van Bingen (1098-1179).
 

 

'O jij die armzalige grond bent en omwille van je vrouwelijkheid niet onderwezen in enige wetenschap van de aardse leermeesters ... roep, vertel en schrijf over deze mysteries van mij die je ziet en hoort in je mystiek visioen!' Met deze woorden werd de Duitse non Hildegard van Bingen (1098-1179) volgens eigen zeggen door God aangespoord om haar visioenen openbaar te maken. Ze aarzelde. Het was in haar tijd immers ongebruikelijk dat een vrouw, ook al was zij magistra van de benedictijnerabdij Disibodenberg, zich uitliet over theologische problemen, die enkel onder de autoriteit van een beperkte mannelijke en geleerde klerikale elite vielen. De ziekte die zij kreeg, overtuigde haar èn haar omgeving van de echtheid van de goddelijke opdracht. Met pauselijke goedkeuring schreef zij tussen 1141 en 1151 haar debuutwerk, de beroemde visioenencyclus Scivias (Sci vias Dei=Ken de wegen van God). Vrouw-zijn, ongeletterdheid en mystiek worden in bovenstaand, uit het Latijn vertaald citaat, in verband gebracht met Hildegard van Bingen. Dit roept interessante vragen op. Hoe ver kon de relatieve geletterdheid en kennis van een vooraanstaande twaalfde-eeuwse vrouw reiken? In welke vrijheid kon zo'n vrouw, die geen klassieke opleiding had genoten zoals haar mannelijke collega-auteurs, religieuze en morele thema's en wetenschappelijke inzichten benaderen en uitdrukken? Welke rol speelde het mystieke aspect van haar teksten in haar geloofwaardigheid als christelijk auteur? Met zijn studie naar de culturele bagage van Hildegard van Bingen, vooral gereconstrueerd aan de hand van ontleningen in Scivias, levert Jeroen Deploige een bijdrage aan het onderzoek naar kennisoverdracht en ideeëngeschiedenis bij middeleeuwse christelijke auteurs. Zo worden de unieke sporen van vrouwelijke spiritualiteit die Hildegard van Bingen heeft nagelaten, in een breder perspectief geplaatst.