Aymijns kinderen hoog te paard

Specificaties

Jaar van uitgifte 1990
Nur1 621
Nur2 684
Reeks naam Middeleeuwse Studies en Bronnen
Status leverbaar
Taal Nederlands
Bindwijze genaaid gebrocheerd in slap omslag
Bladzijdes 318
Reeks nummer 22
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

Aymijns kinderen hoog te paard

Irene Spijker | 9065502351
39,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Een studie over Renout van Montalbaen en de Franse Renaut-traditie.
 

 

Zowel in de Middeleeuwen als lang daarna is het verhaal over de Vier Heemskinderen in onze streken bekend en geliefd geweest. Niet alleen werd het keer op keer verteld, gedrukt en gelezen, ook werd het fiere ros Beyaert met de vier Heemskinderen op zijn rug afgebeeld op gevelstenen en uithangborden en liep het mee in 'ommegangen'. Dit verhaal is terug te vinden in de fragmentarisch overgeleverde Middelnederlandse Karelroman Renout van Montalbaen. Het overgrote deel van de overgeleverde verzen is te vinden op twaalf folia die deel hebben uitgemaakt van een veertiende-eeuws handschrift. Verder bevinden zich te Stockholm fragmentjes van een handschrift van rond 1500. Gelukkig kunnen we het hele verhaal wel nalezen in andere bronnen, zoals de gedrukte prozabewerking Historie vanden vier Heemskinderen uit de vijftiende eeuw en Duitstalige teksten die hun wortels in dezelfde teksttraditie hebben.  Deze studie is gewijd aan de vraag naar de relatie tussen de Middelnederlandse Renout van Montalbaen en de Oudfranse Renaut de Montauban. Van de Franse tekst zijn veel handschriften en drukken overgeleverd, zowel in proza als in versvorm. In dit boek presenteert Irene Spijker een nieuwe en overtuigende visie. Zij beargumenteert, dat de Middelnederlandse dichter via de voordracht van jongleurs kennis genomen heeft van de Franse tekst. Uit zijn hoofd bracht hij de verdietsing tot stand. De verschillen houden echter ook verband met zijn streven de tekst aan te passen aan zijn eigen publiek. De manier waarop het verhaal is uitgewerkt, is conventioneel en sluit aan bij de stijl die in orale overleveringen gebruikelijk is. Dit manifesteert zich onder andere in herhaling van formuleringen, motieven en verhaalpatronen en in een 'mens- en wereldbeschouwing' die trekken vertoont van de overzichtelijke verhaalwereld waarin het goede en de goeden staan tegenover het kwade en de schurken. Niet alle vraagtekens ten aanzien van de gecompliceerde relatie tussen Renout en Renaut zijn opgelost, maar Spijkers hypothese maakt het wel mogelijk veel aspecten op een bevredigende manier te verklaren.