Veranderingen in het hoger onderwijs in Nederland tussen 1815 en 1940
Jaar van uitgifte 1997
Nur1 680
Nur2 694
Status leverbaar
Taal Nederlands
Auteur(s) G. Jensma & H. de Vries
Bindwijze ing
Bladzijdes 396
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'De doorgaans heldere inleidingen op de verschillende lijsten, grafieken en tabellen, en waarin universiteitsgeschiedenis wordt gepresenteerd in samenhang met de ontwikkeling van de onderwijsstatistiek, maakt dit boek ook voor niet-statistici de moeite waard.' L. ten Haag in: Streven mei 1998. '(...) een Frans historicus prees mij dit boek aan en benijdde mij als Nederlander om het feit dat zulke boeken hier tot stand worden gebracht (...).' A. van der Lem in: Spiegel Historiael 32(1997) 12.

Veranderingen in het hoger onderwijs in Nederland tussen 1815 en 1940

G. Jensma | 9065505571
39,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

 

Het hoger onderwijs in Nederland maakte tussen 1815 en 1940 grote veranderingen door. De universitaire opleiding, die in vroeger tijd bijna uitsluitend aan hogere standen voorbehouden was geweest, werd opener. De studenten waren afkomstig uit bredere lagen van de bevolking en ook vrouwen gingen studeren. Het hoger onderwijs breidde zo geweldig uit: de 559 studenten uit het jaar 1816/17 waren er in 1939/40 8473 (waaronder 1925 vrouwen) geworden. Om ze te herbergen waren in de tussentijd nieuwe universiteiten en hogescholen opgericht. In het wetenschappelijk onderzoek kwam grotere nadruk te liggen op vakinhoudelijke aspecten. In alle disciplines vond een herijking plaats van de wetenschappelijke praktijk. Er werden (historisch-)kritische en proefondervindelijke onderzoeksmethodes geïntroduceerd en het onderzoek werd mede hierdoor steeds specialistischer. Er kwamen dus ook nieuwe vakken en hoogleraren in die vakken. Al deze ontwikkelingen samen duidt men vaak aan als de 'modernisering' van het onderwijs. Men beschouwt ze dan als onderdeel van een veel breder proces van modernisering van de gehele samenleving. Jensma en De Vries beschrijven de hierboven geschetste veranderingen vanuit een kritische houding jegens dit vaak al te gemakkelijk aangehangen moderniseringsdenken. De veranderingen worden in dit boek uitgebreid gedocumenteerd. De hier vaak voor het eerst gepubliceerde en van diepgaande bronnenkritiek voorziene data betreffen studentenaantallen, alle hoogleraren uit de genoemde periode, alle curatoren, de afgelegde examens et cetera. Het boek heeft hierdoor niet alleen voor universiteitshistorici, maar ook voor historisch geïnteresseerden in het algemeen extra waarde als naslagwerk.