In 1534 reisden tal van dopers naar Munster om er de Jongste Dag af te wachten. Onder hen bevonden zich ook enkele Texelaars. Gerard van der Kooi volgt in de archieven het spoor terug tot de Informacie van 1514 en beschrijft wanneer en hoe op Texel de doopsgezinde ideeën aansloegen. Na 1534 werden de dopers, van wie Van der Kooi een groepsportret schildert, zwaar vervolgd. Hij beschrijft hoe de achtergeblevenen deze zware tijd overleefden en de groep langzaam weer groeide. In 1564 was het klimaat zo veranderd, dat men durfde te eisen vrijgesteld te worden van kinderdoop en verplichte kerkgang. De Wynberch des Heren geeft een gedetailleerd beeld van het ontstaan en de groei van een groep Texelse dopers en vergelijkt hun geschiedenis met die van dopers op de andere eilanden en enkele plaatsen in Noord-Holland en West-Friesland.
'Het boek leest als een detective, inclusief circumstantial evidence. Wie waren die mensen, waar kwamen ze vandaan, waar zijn ze na het Münster-debacle gebleven? (...) de rode draad door Van der Koois onderzoek: dat er soms weliswaar hevig werd vervolgd, maar nooit afdoende. (...) Zijn studie brengt soms hilarische feiten naar voren. Zo melden overheidsdienaren dat het opjagen van dopers telkens mislukte, omdat er altijd dat vermalijde water rond het eiland stroomde.' Lodewijk Dros in: Trouw, 16-11-2005
'Wat Van der Kooi in zijn boek "De Wijnberch des Heren" presenteert, is het resultaat van een goed en degelijk archiefonderzoek, gecombineerd met een uitgebreide literatuurstudie. Het eindresultaat is dat een gedeelte van het godsdienstige verleden van Texel weer wat verduidelijkt is. Hiermee doe ik het boek (en het onderzoek) wel tekort. Het boek biedt namelijk meer dan alleen maar een Texelse godsdienstgeschiedenis. De lezer krijgt een inzicht in het functioneren van een overweldigend agrarische samenleving aan het begin van de vroegmoderne tijd.' Drs. J.M. de Bruyn op: www.historischhuis.nl/recensies
'Het resultaat is bijzonder. Met behulp van zeer uiteenlopende stukken, variërend van de criminele sententies (processtukken van strafrechtzaken) tot de registers van de Grafelijkheidsrekenkamer en van de Tiende Penningen (belastingen) tot rekeningen van de Texelse, slaagde Van der Kooi erin de levenswandel van tientallen Texelse dopers in de periode tussen 1514 en 1572 te reconstrueren.' Joop Rommets in: Texelse Courant, 27-09-2005, p. 8
'Het boek van Van der Kooi is baanbrekend.' Mirjam van Veen in: Theologisch Debat 3 (2006) 2, p. 59-60
'De verdienste van deze studie is vooral gelegen in een soort van herbronning, waardoor het mogelijk werd een klein segment uit de eigen kerkgeschiedenis te aanvaarden als een voorbeeld van vroomheid, waarin zeker de onverzettelijkheid aanwezig was.' Dr. W. van 't Spijker in: Reformatorisch Dagblad, 01-11-2006
Ook gesignaleerd in: Genealogie 17 (2011) 2, p. 76.