Waar weet Thys VerLoren van Themaat, eigenaar van Uitgeverij Verloren, eigenlijk zélf het meeste van? In deze eerste aflevering van De uitgever aan het woord vertelt hij over zijn historische interesses - en hoe toeval, familiegeschiedenis en nieuwsgierigheid samen kunnen uitgroeien tot een specialiteit.
Het begin met de middeleeuwen
Tijdens zijn studie Geschiedenis verdiepte Thys zich in de middeleeuwen. Dat is zijn oorspronkelijke historische specialisatie. "Maar door allerlei andere dingen ben ik op wat zijsporen geraakt." Eén daarvan is Zuid-Afrika en de Boerenoorlog.
Een familiegeschiedenis in Zuid-Afrika
De belangstelling voor de Boerenoorlog blijkt nauw verweven met zijn eigen familieverhaal.
“Mijn moeder was Afrikaanse. Haar vader was in de Boerenoorlog naar Zuid-Afrika getrokken om met zijn ambulance te velde achter de boerenlegers aan te trekken. Hij is daar verliefd geworden op een boerendochter. En dat heeft een gezin opgeleverd van zes kinderen, waarvan mijn moeder de jongste was. Ze is geboren in 1915.
Toen zij haar matriek (het Afrikaanse woord voor eindexamen) had gedaan, is ze naar Stellenbosch gegaan om Duits te studeren. Ze is daar gaan inwonen bij een studiegenoot van haar vader, Hein, uit Leiden. En die studiegenoot, dat was een broer van mijn grootvader. Dus de oom van mijn vader. Die was ook in de Boerenoorlog naar Zuid-Afrika gegaan om de boeren te helpen. Hij was jurist en hij vond het onrecht wat de boeren was aangedaan veel te groot. Later is hij hoogleraar geworden in Stellenbosch.
Mijn vader is na zijn schooltijd bouwkunde gaan studeren in Delft . Tijdens die studie heeft hij een praktijkjaar in Afrika gedaan. Dat was mooi, want dan kon hij bij zijn oom Hein logeren. En daar heeft hij dus mijn moeder ontmoet. Die twee zijn verliefd geworden en, nou ja, goed, de rest is geschiedenis.”
Gefascineerd door de Boerenoorlog
“Door dat hele verhaal ben ik gefascineerd geraakt door de Boerenoorlog. De Boerenoorlog is uitgebroken in 1899. Dus in 1999 was dat 100 jaar geleden.
De geschiedschrijving van de Boerenoorlog was altijd heel erg gebaseerd op de verhalen van de boeren zelf. Maar inmiddels was in Afrika natuurlijk de apartheid ten einde en was er ook een nieuwe geschiedschrijving. Één van de nieuwe geschiedschrijvers was Bill Nesson. Die had in het Engels een boek over de Boerenoorlog geschreven, The South African War, 1899-1902 (Londen, 1999). Dat heb ik vertaald en in '99 uitgegeven. Ik ken die geschiedenis namelijk, ik weet er alles van, ben erin thuis.
Waarom weet ik alles van de Boerenoorlog? Omdat ik er veel over gelezen heb. Omdat ik gefascineerd raakte door opa en oom Hein en over wat daar gebeurde. Opa en oom Hein hebben er allebei een boek over geschreven.”
Het boek dat Thys vertaalde, De Boerenoorlog, 1899-1902, is op, maar wellicht nog tweedehands te vinden via bijvoorbeeld Boekwinkeltjes.nl. Het boek van opa (A. Jurriaanse) is een proefschrift met de titel Veldambulances en wondbehandeling te velde (Leiden, 1902). Hein ver Loren van Themaat schreef Twee jaren in den Boerenoorlog (Haarlem, 1903).
Leiderschap in roerige tijden
De fascinatie voor de Boerenoorlog leidde weer tot nieuwe onderwerpen.
“Ik zou vorige maand voor het jaardiner van het Boekverkooperscollegie Eendragt een korte speech houden. Door gladheid ging de bijeenkomst uiteindelijk niet door, maar ik had een verhaal voorbereid over leiders in de Boerenoorlog.
Ik wilde het over leiderschap hebben. Er zijn in de Boerenoorlog drie markante leiders. Je hebt Paul Kruger, dat was de leider van de boeren, de president van Transvaal. Je had Jannie Smuts, dat was een boerengeneraal die nadat de boeren de Boerenoorlog verloren hadden premier is geworden en eigenlijk aan de basis heeft gestaan van het moderne Zuid-Afrika. En je hebt Nelson Mandela, wie kent hem niet? Hij was ANC-man, anti-apartheidsstrijder. Aan het eind van de apartheid is hij vrijgelaten en president is geworden van Zuid-Afrika.
Mandela was een hele bijzondere man, echt een held naar mijn gevoel. Hij had geen wraakgevoelens. Hij heeft geprobeerd van Zuid-Afrika een nieuwe eenheidsstaat te maken waar allen, blank en zwart en gekleurd, samen zouden kunnen werken aan de toekomst van dat land. Dat heeft hij goed gedaan. Zijn opvolgers hebben het helaas weer te grabbel gegooid, maar goed.
Het ging me om die leiders. Het bijzondere van het leiderschap van Jannie Smuts en van Nelson Mandela bijvoorbeeld, is dat ze niet voor hun eigen gewin gingen, maar echt voor het belang van het land probeerden een weg te vinden waar iedereen zich in zou kunnen vinden. Dat is goed leiderschap naar mijn gevoel. En dat is dus een ander onderwerp waar je op komt doordat je gefascineerd raakt door de geschiedenis van de Boerenoorlog en van Zuid-Afrika.”
Hoe nieuwe onderwerpen ontstaan
Historische interesses ontstaan vaak door toevalligheden. Ook een jubileum kan een nieuw onderzoeksgebied openen.
“Voor het Boekverkooperscollegie Eendragt, opgericht in 1853, wordt elk lustrumjaar een boekje geschreven. Voor het vorige lustrum heb ik een boekje geschreven over de Watersnoodramp van 1855. Eendragt had daar een inzameling gehouden en ik raakte gefascineerd door die watersnoodrampen. Nou is Lotte Jensen op dit moment degene die alles van rampen doet [In 2024 verscheen van haar hand bij uitgeverij Prometheus het boek Rampen, red.]. Maar die watersnoodrampen, die zijn heel bijzonder.
Nou, nu weet ik dus alles van de Watersnoodramp van 1855. En zo kom je dus telkens op onderwerpen, door toevalligheden.”
Video
Bekijk het volledige interview met Thys in de video hieronder.