Met trekschuit en draagstoel
Jaar van uitgifte 2014
Nur1 681
Nur2 694
Reeks naam Egodocumenten
Status leverbaar
Tweede taal Nederlands
Bindwijze ing
Bladzijdes 404
Redactie Helen H. Metzelaar (inl. en ed.)
Extra geïllustreerd
Reeks nummer 32
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'Alensoons tekst is vlekkeloos (en gelukkig in de door hem gebruikte spelling) uitgegeven. Inleiding en commentaar zijn voorbeeldig. [...] Dit is een uitermate mooi uitgegeven en geannoteerd boek. Hulde!' Gerard van der Leeuw in: De Rode Leeuw (oktober 2018) 229, p. 3-5; 'Alensoon beschikte over tijd en geld om in 1723 zijn koffers te pakken om voor een jaar naar Italië af te reizen. Hij stortte zich onderweg vol overgave op het culturele leven in de plaatsen waar roei- of zeilschip, koets en draagstoel halt hielden. Architectuur, beeldhouw- en schilderkunst, muziek: hij genoot volop en noteerde wat hij zag, hoorde en ervoer.' Op: www.weyerman.nl/9786/vakantie-naar-italie 27-11-2014; 'Het boek [is] een aanrader voro wie nog eens een rondreis of "Grand Tour" door Italië overweegt. Je komt er op een verloren namiddag zeker voor in de juiste stemming!' Martha Catania-Peters op: www.historischhuis.nl/recensiebank 13-02-2015. Verder gesignaleerd in: Genealogisch Erfgoed Magazine 22 (2014) 4, p. 19; Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman 38 (2015) 1, p. 101.

Met trekschuit en draagstoel

Jan Alensoon | 9789087044428
39,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Jan Alensoons Dag-register van een reijs door Vrankrijk, Italie, Switserland ende Duijtschland in 1723 en 1724.
 

 

Jan Alensoon (1683-1769) was bijna veertig en een erudiet lid van de Leidse elite toen hij in 1723 uit Leiden vertrok naar Italië. Tijdens zijn reis van iets meer dan een jaar hield hij een uitgebreid en zorgvuldig opgesteld journaal bij. Groot was zijn bewondering voor de Romeinse oudheid en de Italiaanse cultuur en als geleerde gaf hij uitgebreid zijn mening over architectuur en de beeldhouw- en schilderkunst. Onderweg verkeerde hij in het gezelschap van deftige diplomaten en gewichtige raadsheren, maar zijn liefde voor de muziek bracht hem ook in contact met Italiaanse operadiva's en castraatzangers. Naar hartenlust musiceerde hij op deftige privéconcerten of samen met kloosternonnen. Uit dit reisverslag rijst het beeld op van een ruimdenkende vrijgezel, nieuwsgierig naar andermans gewoontes en gevoelig voor natuurschoon. Zijn verhaal is een boeiende bron van persoonlijke belevenissen, beschrijvingen van klassieke bezienswaardigheden en bijzondere muzikale ervaringen.