Recht door gratie
Jaar van uitgifte 2004
Nur1 684
Status leverbaar
Taal Nederlands
Bindwijze geb
Bladzijdes 512
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'Recht door gratie is de handelseditie van het proefschrift waarmee Marjan Vrolijk in 2001 te Nijmegen promoveerde (...). En wat voor een editie!' Georges Matyn in: Pro Memorie 8 (2006) 1, p. 162-167. 'Marjan Vrolijk [toont] dat veel 16de eeuwse doodslagen door gratie werden afgehandeld. Zo stelt ze het beeld bij dat die periode een ruwe en onbarmhartige rechtspleging kende.' Emma Los in: Ons Amsterdam 57 (2005) 1. 'Systematisch zet de schrijfster de procedure inzake gratieverlening in al haar facetten uiteen. Daarbinnen plaatst zij personen ( casus ), delicten en omstandigheden als illustratief materiaal. Dit vormt tezamen een zeer leesbaar en informatief relaas, dat ik niet aarzel in zijn reikwijdte tevens een belangrijke bijdrage aan onze theoretische kennis va het zestiende-eeuwse strafrechtdenken te noemen. Het is zeer verzorgd uitgegeven en wordt optimaal toegankelijk gemaakt door gedetailleerde registers.' A.H. Huussen jr. in: BMGN 120 (2005) 1, p. 110-111. 'Dankzij deze publicatie is een indrukwekkende hoeveelheid rechtshistorische informatie boven tafel gekomen over een tot nu toe nauwelijks onderzocht onderwerp.' Corien Glaudemans in: archievenblad (aug. 2004), p. 37-38. Verder gesignaleerd in: Nexus (2004) 39, p. 219; Reformatorisch Dagblad , 25-02-2004; 02-06-2004; Recensiebank historischhuis.nl; NRC Handelsblad , 02-07-2004; Genealogie 10 (2004), p. 112; Spiegel Historiael 40 (2005) 1.

Recht door gratie

Marjan Vrolijk | 9789065507501
49,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Gratie bij doodslagen en andere delicten in Vlaanderen, Holland en Zeeland (1531-1567).
 

 

Recht door gratie breekt met het beeld van een ruwe, onbarmhartige en gebrekkige rechtspleging in de zestiende eeuw. Met niet eerder bestudeerd bronnenmateriaal toont deze studie aan dat vooral veel doodslagen door middel van gratie werden afgehandeld. Vanouds was het alleen de vorst die gratie mocht verlenen. Keizer Karel V en koning Philips II vergrootten er in de Nederlanden hun macht en aanzien mee. Voor het merendeel ging het om daders van eenvoudige komaf die uit noodweer of onopzettelijk iemand hadden gedood. Gratie was alleen mogelijk wanneer de familie van het slachtoffer was verzoend. Gratieverlening ging gepaard met een strenge controleprocedure en een genuanceerde beoordeling van dader, delict en omstandigheden door juristen van de Geheime Raad van de vorst in Brussel. De gratieverzoeken beschrijven gedetailleerd de gebeurtenissen in huizen, herbergen en op straat en bieden daarmee tevens een blik op het dagelijks leven in de zestiende eeuw.