Een buitenbezittingse radja
Jaar van uitgifte 2015
Nur1 681
Nur2 691
Status leverbaar
Taal Nederlands
Bindwijze ing
Bladzijdes 332
Redactie W.R. Hugenholtz (ed.)
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'[...] vlot geschreven en buitengewoon interessant boek, dat door de overzichtelijke inleiding een goed beeld geeft van een bewogen leven.' Sanne Bücking op: www.historischhuis.nl/recensiebank 18-01-2016; 'Michielsen stond bekend als autoritair, maar ijn memoires zijn helder, verfrissend modern en vol ironie en humor. Zijn gedetailleerde beschrijving van allerlei "gewone" zaken opent nieuw zicht op een jeugd in Breda, de Indische zeilvaart en het koloniale Indië toen. De uitgave is bekwaam ingeleid (dertig bladzijden)  en bevat een woordenlijst en namenregister.' Harry Poeze voor: NBD Biblion 23-12-2015; 'De uitgebreide inleiding van W.R. Hugenholtz leest als een spannend jongensboek, vooral als je nagaat dat de kinderen van Michielsens voorkinderen [...] ook nog eens Engelandvaarders werden.' In: Moesson (5 november 2015), p. 12. Verder gesignaleerd door Robert Hallatu in: Marinjo (oktober/november 2015), p. 47.

Een buitenbezittingse radja

9789087045081
29,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Herinneringen van W.J.M. Michielsen (1844-1926).
 

 

W.J.M. Michielsen verliet in 1857 op 13-jarige leeftijd zijn geboortestad Breda om als kajuitsjongen naar de Oost te gaan. Na enkele zeereizen vestigde hij zich op Java, waar hij met wisselende banen in zijn levensonderhoud voorzag. Een keerpunt kwam in december 1867, toen hij voor het grootambtenaarsexamen slaagde en een carrière in de Indische bestuursdienst mogelijk werd. Deze kans heeft hij ten volle benut. Vele jaren diende hij in de 'buitenbezittingen' om zijn loopbaan in Batavia af te sluiten als lid van de Raad van Nederlands-Indië. Op hoge leeftijd, rond 1914, zette hij zich aan het schrijven van zijn memoires, waarin hij met verve en veel oog voor detail verslag doet van zijn bewogen leven tot 1875. De latere periode is óf niet beschreven óf verloren gegaan. De editie van deze boeiende en kleurrijke vertellingen wordt voorafgegaan door een inleiding over de historische achtergronden.