Een eigentijds verleden
Jaar van uitgifte 2002
Nur1 680
Nur2 694
Status leverbaar
Taal Nederlands
Bindwijze ing
Bladzijdes 382
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

'Willem Frijhoff had gelijk, toen hij zei dat historici er niet zijn "om te pas en te onpas op de noodzaak van historisch besef te wijzen of over het gebrek daaraan te jeremiëren." Veeleer zouden historici de handen uit de mouwen moeten steken en actief aan dit historisch besef moeten bijdragen. Ribbens' proefschrift beantwoordt aan dit doel. Want als het straks vakantie wordt en wij opnieuw de dorpskerken en kasteelruïnes bezoeken, hebben we wel afgeleerd de "oud-hollandse recepten" voor zoete koek te slikken.' Herman Paul in: Nederlands Dagblad, 29-03-2002. 'Het boek is een must voor iedereen die zich wil verdiepen in het moderne historisch besef, zoals beleidsmakers die zich bezighouden met het erfgoed in Nederland en verder iedereen die in de erfgoedsector werkzaam is. Tegelijk gaat het boek in zekere zin over ons allemaal. Het historisch toerisme, de geschiedenis op televisie, het bezoek aan archieven, de genealogiebeoefening, de herdenkingscultuur op lokaal niveau, de historische verenigingen en heemkundekringen: het komt allemaal aan bod. (...) De conclusie mag duidelijk zijn: Ribbens heeft een nieuw en interessant studieveld opengelegd voor nader onderzoek.' Albert van der Zeijden in: Alledaagse Dingen 8 (2002) 2. Verder gesignaleerd in: Tijdschrift voor Geschiedenis 116 (2003), p. 91-93; BMGN 118 (2003) 4, p. 603-605; Aanzet 18 (2002) 3, p. 46-47; Ex Tempore 21 (2002), p. 182-183; Historisch Nieuwsblad (maart 2002), p. 53; NRC Handelsblad , 19-04-2002; Recensiebank historischhuis.nl; Cd-rom Leesidee 2000-2005.

Een eigentijds verleden

K. Ribbens | 9065506586
39,
+ Toevoegen
Op voorraad in de webshop
Op werkdagen voor 14.00 besteld, dezelfde dag ter post bezorgd. De levertijd is afhankelijk van de postale diensten.
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Alledaagse historische cultuur in Nederland, 1945-2000.
 

 

Over het historisch besef van de Nederlanders wordt met enige regelmaat geklaagd. Het zou tekortschieten of zelfs geheel ontbreken, maar bewijzen voor deze stelling worden nauwelijks aangedragen. Als een van de eersten staat Kees Ribbens uitgebreid stil bij de manier waarop Nederlanders sinds 1945 omgaan met het verleden. Hierbij passeren talloze deelterreinen van de naoorlogse historische cultuur de revue: geschiedenisonderwijs, musea en monumentenzorg, maar ook stamboomonderzoek, amateur-archeologie, heemkundebeoefening en het gepassioneerd verzamelen van oude objecten. Aan de hand van drie nader uitgewerkte thema's (historisch toerisme, herdenkingen en de verbeelding van het verleden op de Nederlandse televisie) schetst Ribbens een gedetailleerd beeld van enkele kenmerkende verschijningsvormen van historische belangstelling bij 'gewone' Nederlanders. Hij laat zien, dat de historische belangstelling niet zozeer is verminderd als wel veranderd qua vorm en inhoud. De alledaagse historische cultuur is veelomvattender en individueler dan voorheen, maar ook visueler en materiëler. De omgang met het verleden mag wat vrijblijvender zijn geworden, de alledaagse historische cultuur blijkt niettemin springlevend.