De Hollandse jaren van Hugo de Groot (1583-1621)
Jaar van uitgifte 1996
Nur1 685
Nur2 694
Status uitverkocht
Taal Nederlands
Bindwijze ing
Bladzijdes 220
Redactie H.J.M. Nellen e.a.
Extra geïllustreerd
Plaats van uitgave Hilversum
Druk 1

Inhoud: Woord vooraf   Enkele veel gebruikte afkortingen   I. Rechtsgeleerdheid in het begin van de zeventiende eeuw: CORNELIA M. RIDDERIKHOFF, De universitaire studies van Hugo de Groot   FLORIKE VAN EGMOND, Hugo de Groot en de Hoge Raad: over connecties tussen geleerden, kunstenaars, juristen en politici   R. HUIJBRECHT, Hugo de Groot als advocaat-fiscaal van het Hof van Holland, Zeeland en West-Friesland 1607-1614   C.G. ROELOFSEN, Hugo de Groot en de VOC   II. Geleerden en literatoren: HARM-JAN VAN DAM, Filoloog en dichter in Leiden   ARTHUR EYFFINGER, Hugo Grotius' Parallelon Rerumpublicarum   F.R.E. BLOM, Constantijn Huygens en de ontwikkeling van de poëzie in de landstaal in het eerste kwart van de zeventiende eeuw   AD LEERINTVELD, Hugo de Groot in de Nederlandstalige literatuur van het eerste kwart van de zeventiende eeuw   III. Op weg naar een Republiek: J.G. SMIT, De Rotterdamse jaren van Hugo de Groot   HANS W. BLOM, Politieke theorieën in het eerste kwart van de zeventiende eeuw: Vaderland van aristocratische republiek naar gemengde staat   A.Th. VAN DEURSEN, Oldenbarnevelt en Maurits   IV. Theologie tijdens het Bestand: H.J.M. NELLEN, Een tweespan voor de arminiaanse wagen: Grotius en Wtenbogaert   ROB VAN DE SCHOOR, Opvattingen van enkele correspondenten van Grotius over Cassanders irenisme in de jaren rond 1616   EDWIN RABBIE, Grotius' denken over Kerk en Staat   B.J. SPRUYT, Hugo de Groots beroep op Heinrich Bullinger en Martin Bucer   Lijst van medewerkers   Register

'De bundel geeft een goede indruk van De Groots drukke leven en de groei van de Republiek in het eerste kwart van de zeventiende eeuw.' Lia van Gemert in: TNTL 112-4, p. 389. Gesignaleerd in: NRC-Handelsblad, 20-10-2006; De zeventiende eeuw 13 (1997) 2, p. 484-485; Literatuur 97-6, p. 398; Kroniek BMGN 1996; Tijdschrift voor de geschiedenis van de wijsbegeerte in Nederland 8 (1997), p. 152-154; Nieuwsbrief KNHG (dec. 1996), p. 9; Reformatorisch Dagblad, 15-11-1996; Genealogie

De Hollandse jaren van Hugo de Groot (1583-1621)

9065505466
25,
Niet op voorraad in de webshop
Niet op voorraad
Plaats op verlanglijstje

Beschrijving

Lezingen van het colloquium ter gelegenheid van de 350ste sterfdag van Hugo de Groot ('s-Gravenhage, 31 augustus-1 september 1995).
 

 

Toen Hugo de Groot op 22 maart 1621 de deksel van de boekenkist over zijn hoofd trok, sloot hij tevens een periode in zijn leven af. Tot 1618 had Grotius, op 10 april 1583 geboren als telg uit een Delfts patriciërsgeslacht, carrière gemaakt in Holland. Na zijn studie aan de Leidse universiteit en een promotie in de rechten te Orléans was hij actief als advocaat, advocaat-fiscaal of openbaar aanklager bij het Hof van Holland en de Hoge Raad, diplomaat en pensionaris of juridisch adviseur van de stad Rotterdam. Intussen verwierf hij zich ook bekendheid als dichter, historicus, filoloog en theoloog. In deze Hollandse periode groeide Grotius' maatschappelijke betrokkenheid. Hij wierp zich op als verdediger van de jonge Republiek in haar strijd voor zelfstandigheid en schreef politiek-godsdienstige geschriften waarin hij de politiek van de leider van het gewest Holland, landsadvocaat Johan van Oldenbarnevelt, theoretisch onderbouwde. Toen Oldenbarnevelt door zijn machtige tegenstanders werd uitgeschakeld, sleurde hij Grotius mee in zijn val. Oldenbarnevelt verloor zijn hoofd, Grotius werd opgesloten in slot Loevestein. Deze bundel laat een breder publiek kennismaken met Grotius' activiteiten als filoloog, dichter, historicus, theoloog, jurist en politicus tijdens zijn Hollandse periode.